Nummer 19, KV 465, vind ik één van Mozarts mooiste en boeiendste strijkkwartetten. Hij schreef het kort nadat hij ingewijd was in de vrijmetselarij en droeg het op aan Haydn die de initiatie twee maanden later zou ondergaan in de loge waar Mozart op dat moment actief was. Dat verklaart waarom dit kwartet in C staat, de toonaard van het licht, maar nog meer waarom Mozart in de eerste 22 maten ver weg blijft van de tonaliteit, heel vooruitstrevend voor die tijd. Nu nog klinkt het modern en het notenbeeld zweeft wat rond die tonica, ook metrisch. In de 22ste maat pas komt er een tonale bevestiging met een dominantseptiem die mooi oplost naar de tonica in de eerste maat van het allegro. Het kan niet anders of Mozart doelt op de arbeid van leerling tot meester, de broeder die de evolutie van donker naar licht maakt.
Ik kan de opname door het Quatuor Mosaïques sterk aanbevelen, op dit album vanaf track 5: