vrijdag 4 oktober 2024

Componist Obe Vermeulen hoopt dat zijn muziek blijft hangen

‘Enigma geef ik met veel vertrouwen in jullie handen’

Obe Vermeulen, componist van Enigma, specialiseert zich in Berklee, in het New Yorkse, na twee jaar master opleiding aan het Royal College of Music in Londen, in het schrijven van musicals. Hij gaat daarmee verder op het elan van het componeren. We videobelden elkaar op een zaterdagavond, Belgische tijd, en hadden het over Enigma, Mickey Mouse en hoe deze Enigma een hele update kreeg, zowel muzikaal als tekstueel.

Wat heeft jou aangezet om een compositie te wijden aan Alan Turing?
Obe Vermeulen: Ik speelde daar al lang mee. In mijn afstudeerjaar aan het Lemmensinstituut al, dat moet 2019 geweest zijn. Daarvan heb ik nog schetsen teruggevonden. Ik had als kind de film gezien, The Imitation Game met Benedict Cumberbatch. Dat was mijn eerste aanraking met het personage. Ik had met andere orkesten ook al themaconcerten gedaan rond de oorlog. De oorlogsverhalen die in onze familie werden verteld hebben me ook altijd geïntrigeerd. Vergeten helden, in het bijzonder. Het zaadje was er al een tijd om rond de Tweede Wereldoorlog, en dan meerbepaald rond Alan Turing, een voorstelling te maken. Het heeft dan toch nog tot 2022 geduurd.

De oorspronkelijke versie was voor symfonieorkest, was het moeilijk om het werk om te zetten voor harmonieorkest?
Het originele orkest was sowieso al stevig bezet in de blazerssectie. Dat vergemakkelijkte het om een transcriptie te maken. Vooral bij de strijkers waren er een paar plekken die specifiek voor die instrumenten geschreven waren. Dan moest ik wel gaan kijken of ik dat op een andere manier kon gaan interpreteren. Vaak was het eerder op- nieuw gaan componeren dan het in- strument copypasten naar een ander instrument. Zo werkte het niet. Het was wel interessant om op het werk terug te kijken want de eerste schetsen dateren van 2021 en ik ben intussen een ander componist dan ik toen was. Ik heb er heel wat kleine dingetjes die ik nu an ders zou doen eruit gehaald, er zitten een aantal nieuwe motieven in, de ou verture is een volledig nieuwe compositie. Ik had nu ook de kans om het te updaten. Dat heb ik in spiegelbeeld ook met de symfonische versie gedaan.

Hoe zou je de muzikale taal van Enigma omschrijven?
Heel filmisch. Het was van bij de start het doel om het verhaal te gaan onder steunen. Het gaat vaak de klassiekere kant uit. Een heel verhalende stijl, ik denk dat dat de beste manier is om Enigma te omschrijven zonder het in een specifiek hokje te duwen. De muziek neemt het publiek mee in de emoties, zonder de actie te veel te gaan kopiëren. Geen Mickey Mouse-ing (muziek volgt karikaturaal de actie) zoals in bepaalde films, maar de muziek eerder als ondersteuning voor de tekst die door de verteller en de projecties gebracht wordt.

De tekst is overigens enorm goed, die werd geschreven door Dirk Crommelinck. Hoe ben je bij hem terechtgekomen?
Dirk ken ik al heel lang, de eerste musicalproductie die ik zelf speelde was met Dirk als regisseur. Dat moet rond mijn twaalfde geweest zijn, dus het is toch al de helft van mijn leven dat ik Dirk ken. Later heb ik met hem de productie ‘Een oorlog verslaan’ gemaakt voor de harmonie van Lochristi. Dirk is ook verbonden aan de muziekschool van Lochristi waar ik ook lid en lesgever was. Onze paden zijn zich blijven kruisen, heel die familie is trouwens artistiek bezig. Het leuke is dat ook de tekst van Enigma een enorme update heeft gekregen. Hij heeft de hele tekst onder handen genomen. Een paar scènes zijn opnieuw geschreven, vanuit een ander standpunt. We hebben er ook drie gedichten van Walt Whitman in verwerkt, in vertaling. De spanningsboog van het verhaal blijft uiteraard wel dezelfde.

Ken je de harmonie van Zele? Je kent Bart waarschijnlijk?
(Stellig) Jaja! Absoluut! Bart is mijn directiedocent geweest, nu ook een goeie vriend en mijn uitgever. Toen hij met het plan kwam om Enigma in Zele te hernemen was ik enorm enthousiast. Ik heb de harmonie gedirigeerd tijdens een van de stages in de directieklas. Maar ik ken de reputatie van het orkest en heb hen zeker al vaak op video aan het werk gehoord. Dat geeft het nodige vertrouwen om het stuk in jullie handen te geven.

Heb je een boodschap voor het orkest?
Dat is een goeie vraag. (denkt na) Het belangrijkste aan de muziek is dat zij een verhaal vertelt. De partituur zit vol motieven die specifiek verwijzen naar bepaalde aspecten uit Turings leven. Het mooie eraan is dat niet één instrument of de verteller belangrijk is, het is een collectief dat het verhaal van Alan Turing brengt. Dat was ook de sterkte tijdens de eerste versie in 2022: er gebeurde veel, het orkest zat heel goed samen. De individuele partijen zijn op zich niet bijzonder moeilijk maar er kan sterk gewerkt worden aan het samen- spel en het klank en muziek maken. Daar kan je van genieten. Ik herinner me van de repetities die ik destijds zelf leidde dat er tussen de repetities door motieven werden gezongen, geneuried of gefloten. Als de muziek blijft han gen doet dat als componist enorm veel deugd. Ik hoop oprecht dat dat in Zele ook gebeurt!

Giovanni 

Deze tekst verscheen n.a.v. het concert door de Koninklijke Harmonie Ste-Cecilia Zele op 19 oktober 2024 in De Wiek.

maandag 16 september 2024

Met Irene Adler uit eten

Niemand doet het, maar als iemand me zou vragen met welk vrouwelijk personage uit de literatuur ik wel eens zou willen gaan eten, dan antwoord ik niet Madame Bovary, laat staan de middeleeuwse Beatrijs of Hermelien Griffel.

Wel: Irene Adler.
Niet dat er ooit sprake was van romantiek tussen Adler en de ijskoude, beredeneerde Sherlock Holmes in de boeken van Conan Doyle. Holmes bewondert haar om haar sluwheid, om haar scherpzinnige geestigheid. Ze is de enige vrouw die erin slaagt Holmes van zijn à propos te brengen. Dan moet je verdorie van goede huize zijn.
In de boeken is ze een voormalige operazangeres-slash-courtisane, in de reeks met Benedict Cumberbatch en Martin Freeman een BDSM-meesteres, voortreffelijk vertolkt door Lara Pulver (foto). Daarin heeft ze een afspraak met Holmes waarbij ze hem naakt tegemoet komt. Een fenomenale scène die veel ophef veroorzaakte maar meteen de verhoudingen duidelijk maakte. Voor één keer heeft Holmes niet de touwtjes zelf in handen.
Interessant personage, die enigmatische Irene. 'The woman', zoals Holmes ze noemt. Doyle beschrijft haar verder: 'having a face a man might die for, the daintiest thing under a bonnet on this planet.'
Als iemand haar kan boetseren en leven inblazen zoals Gargamel met Smurfin deed, laat het me weten. De Fleur de Lin zal Irene wel bevallen.
Giovanni

donderdag 22 augustus 2024

Shrek, the musical: 'Amusement waarvan je in een opperbeste stemming huiswaarts keert'

Shrek, the musical.
Daar trokken Rune en ik op maandag 19 augustus heen, niet goed wetend wat te verwachten. In de eerste plaats omdat ik de zaal, Eventim Apollo, maar in de jaren '80 heette die nog de Hammersmith Odeon eens wou zien, vanbuiten én van binnen. 'Waarom?', hoor ik je vragen.

Wel, als 16-jarige maakte ik kennis met de muziek van Dire Straits (lees: Het uilenveld: Giovanni: 'Waar is Knopfler op deze blog ?'). Ik bleef lang gefascineerd door die vreemde naam van de man die het brein was achter de band, Mark Knopfler. Ik kon er me lange tijd geen gezicht bij voorstellen. Tot de Franse televisie op een zondagmiddag 'Alchemy', uitzond. Dat was voor mij een openbaring, en voor mij nog steeds het in de ideeënwereld van Plato verblijvende concept van een live-concert. Dat concert was opgenomen in de Hammersmith Odeon, heb ik tientallen keren herbekeken, zowel op videocasette als DVD, en die zaal wilde ik wel eens voelen.
Dus boekten we Shrek.

Een musical voor alle leeftijden, dat wisten we. Een familiegebeuren. En dan denk je in Vlaanderen meteen aan K3-toestanden en evenveel biggetjes. Helemaal gerust waren we er dus niet in.

Lachen geblazen
Maar Shrek was topamusement! We kregen het gekende verhaal en heerlijke muziek van een liveband, prachtig gezongen. De muziek vergrootte, voor zover dat mogelijk is, de typische musical-kenmerken. Dan swingde het spektakel als een tiet, vervolgens rockte het als de beesten en spatte de soul van het podium af. Alles droeg humor in zich. We lachten niet alleen met de aangedikte muziek, ook met de geweldige uitvergrote choreografieën, die niet zelden het genre parodieerden - tapdansen en al -, met een scheet en en een boer op tijd en stond,  met zowel de eenvoudige visuele en verbale grappen voor de kinderen als de baldadige voor de meer volwassenen. Het geheel had een vaart die we met de Eurostar de dag voordien niet hadden gehaald.

Lord Farquaad, Shrek, Fiona en Donkey lagen volledig in de lijn van de film: personages met een serieuze hoek af, allround perfect tot leven gebracht. Wat mij betreft stak Cherece Richards er vocaal bovenuit, zij speelde de rol van de draak en de heks.

Om kort te gaan: perfect gebracht amusement waarvan je in een opperbeste stemming huiswaarts keert.

Giovanni

Dire Straits in Hammersmith Odeon


Dvořák e.a. op BBC Proms: 'Kleuren, klankmassa's, magistrale spanningsopbouw'

Op 18 augustus zakten Rune, ikzelf en duizenden anderen, waarvan het merendeel jongeren, af naar de Londense Royal Albert Hall voor Prom 38 van dat jaar, iets waar we enorm naar uitkeken. Alleen al om deze legendarische zaal van binnenuit te bewonderen. Er een klassiek concert in meepikken met de zevende symfonie van Antonin Dvořák was ons nec plus ultra.

The Ulster Orchestra en dirigent Daniele Rustioni maakten dat feest compleet. Ze openden met Busoni's Comedy Overture. Nu, van Busoni, moet ik toegeven, kende ik geen enkel werk. In de Comedy ouverture beweegt de componist zich heen en weer tussen het rationele van het neoclassicisme en mengt dit met verwijzingen, niet meer dan dat, naar de romantiek. Dit werk maakte ontegenzeglijk helder waar dit orkest in uitblinkt: forse contrasten, en spanningsbogen die je op het puntje van je fluwelen stoel doen zitten.

Het tweede werk was het vierde pianoconcerto van Beethoven, met aan de toetsen Francesco Piemontesi. Een mooi driedelig werk - allegro, andante, rondo - dat heel populair is onder de pianisten. Piemontesi cadenste er op los, het orkest in een nu eens spitse, dan weer bijzonder cantabile Beethoven-modus. We namen dit alles in ontvangst en genoten.

Sussex Landscape van de twintigste-eeuwse componiste Avril Coleridge-Taylor opende het tweede deel. Sussex Landscape, een symfonisch gedicht, werd direct na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1939 geschreven en bevat een veel somberdere en desolate sfeer dan wat het publiek doorgaans associeert met het idyllische platteland. Het groeide uit tot een zeldzaam voorbeeld van een 'oorlogswerk' dat door vrouwen is gemaakt en ingaat tegen de 'huiselijkheid', hét etiket dat destijds op composities van vrouwen werd gekleefd, of moest kleven.

Dvořáks zevende dan! Het klapstuk. Het ging ooit in première in de Londense St.-James Hall en wordt als zijn grootste symfonie beschouwd, ook al is de negende veel populairder. De zevende is Brahmsiaans, een pak donkerder ook, in een voetnoot bij de trage beweging refereert Dvořák naar 'the sad years' waarin zijn moeder en oudste kind overleden. Maar de symfonie houdt ook verband met de politieke onrust onder de Tsjechen, ze verklankt de mogelijkheid om koppig verzet te bieden tegen de verdrukker. En ja, wat een werk: deze compositie is het werk van een toparchitect. Klanken die oprijzen als kathedralen. Kleuren, klankmassa's, contrasten, magistrale opbouw naar hoogtepunten, The Ulster Orchestra weet er raad mee. En hoorns, hoorns, hoorns. Dvořák en Rustioni brachten ons beiden in een roes. Zo begeesterend was deze zevende.

Een avondje Proms in The Royal Albert Hall, doe het gewoon als je er toevallig bent of neem de Eurostar. Voor de ticketprijzen moet je het alvast niet laten. Koorcomponist Eric Whitacre staat er binnenkort op het podium en wat hij eergisteren op zijn Facebookpagina schreef kan ik enkel beamen: "It’s hard to describe the majesty of the Proms festival, which presents over 100 concerts for two months every year. It takes place in London’s Royal Albert Hall, which can hold over 5,000 people, and everyone with a floor ticket gets to stand through the entire performance, almost like a rock concert. Those who get there early enough can literally rest their elbows on the front of the stage. There is really nothing like it — intimate and epic at the same time. (...) If you can make it in person, I can’t recommend it highly enough. The atmosphere of the festival, the hall, and the exceptional performers make the Proms a memory that will last a lifetime." 

Het concert is via deze link
te herbeluisteren:

Giovanni

donderdag 8 augustus 2024

'De wonderbaarlijke reis' van Mendoza: "Bijzonder vernuftige roman"

'De wonderbaarlijke reis' van Eduardo Mendoza is een bijzonder vernuftige roman. Het boek vertelt het verhaal van de filosoof Pomponius Flatus - ja, je lacht altijd wat af met Mendoza - die in de eerste eeuw van onze jaartelling in Nazareth terechtkomt, waar een timmerman op het punt staat ter dood gebracht te worden. Jezus, diens zoon, benadert Pomponius en vraagt hem de ware toedracht van de moord te achterhalen want hij gelooft in de onschuld van zijn vader.

Wat volgt is een messiasverhaal - en tegelijk ook weer niet - verpakt in een detectiveroman. Niet zozeer het detective-aspect of de daden van de speurder zijn spitsvondig, wel de hele opbouw van het boek, waarbij alle personages - je bent je daar in het begin van de roman als lezer gezien de absurditeit van het uitgangspunt helemaal niet van bewust - naar het einde toe heel organisch in hun gekende 'historische' rol vallen. In die zin is 'De wonderbaarlijke reis' een soort van prequel op het nieuwe testament.

'Aan de eerste plicht van een vrouw van lichte zeden, namelijk beschikbaarheid, voldeed die van ons niet, want ze was niet thuis.'

Wel een bijzonder grappige prequel. De scherts van Mendoza, ik ben er al lang verzot op. Die is zo divers als de tomatenplanten onder mijn afdak. De humor is vaak terloops, wat hem onweerstaanbaar maakt. Regelmatig is die fijnzinnig, soms minder geraffineerd, soms ook plattekes. Een verrukkelijke mix. Het helpt als lezer wel als je je gewijde geschiedenis nog een beetje kent, en vertrouwd bent met de Griekse en Romeinse mythologie en literatuur.

Het boek gaat soms dieper. Met dezelfde terloopsheid als zijn humor raakt Mendoza thema's aan zoals wel of niet geloven, religie versus wetenschap... Nooit op een hoogdravende, aangekondigde of breedvoerige manier. Maar ineens denk je: 'Wat die Pomponius hier uitklavert, verdorie, dat is iets om te onthouden!'

Lezen, zou ik zeggen, deze literaire reis is amusement van het bovenste schap.

Giovanni

maandag 5 augustus 2024

Bij het lezen van 'Bechamel mucho'

'Bechamel mucho' heet het laatste boek van Dimitri Verhulst. De titel is even onnozel als hilarisch, daarmee is alvast de toon gezet.

Het boek vertelt een toeristisch seizoen, en wat daaraan voorafging, uit het leven van Alex. En Alex' pad, dat liep niet over rozen. 
Ooit stampte hij een kaasbedrijf uit de grond, dat een uitzonderlijk type kaas produceerde (Hetwelke? Lees het boek!) Hoe geniaal hij zijn idee zelf ook vond, de zaak ging over de kop. 
Dat Alex kaas maakte en aan de man bracht is geen toeval. Wie in de Nederlandse literatuur een stumperd wil neerzetten, plaatst die best binnen de kaasnijverheid. Met succes, kijk maar naar Frans Laarmans in Elsschots novelle 'Kaas'.
Ik begrijp dat ook. Alleen al de klank van het woord. 'Kaas.' Het klinkt lullig, geef toe. Niet alleen in het Nederlands: Reginald Cheese, vader van John, liet zijn familienaam niet voor niets veranderen in Cleese. Cheese vond hij té genant. Het product, ook al is het lekker, er hangt een ongemakkelijk luchtje aan.

Glans 
Goed, na zijn kaasavontuur gaat Alex aan de slag als animator in een all inn-hotel. De lezer ziet een hele resem personages voorbijdraven in het resort, allemaal trefzeker, psychologisch doordacht neergezet. Maar Verhulst doet dat zonder enig mededogen. Het glanslaagje dat onze nietigheid omhult en waar we tijdens onze luxevakanties op teren krabt hij er helemaal af. Zonder genade. Dat is in de eerste plaats enorm vermakelijk en onweerstaanbaar grappig. Zelfs al herken je jezelf er bij momenten in. 

Verhulst schuwt daarbij de maatschappijkritiek niet. Hij hakt met de botte bijl op de zeer actuele samenleving in.

Als lezer lach je je van de ene naar de andere pagina, en toch is het in wezen een heel donker boek. Ook dat begrijp ik: je mag de meest overtuigde humanist zijn en geloven in de onbegrensde mogelijkheden van de mens, wat we er bijwijlen maar van bakken doet neigen naar misantropie. 

Onze nietigheid, ons mislukken, we ontkomen er niet aan.
We kunnen er dus maar beter mee lachen, en ons intussen - Alex indachtig - een beetje amuseren.

Giovanni

donderdag 23 mei 2024

'Ongeëvenaarde, speelse en groteske roman'

Ooit op vakantie in Pineda de Mar, was ik er een heel eind in opgeschoten. In 'De Stad der wonderen' van Eduardo Mendoza. Nadien is het om niet langer te achterhalen redenen een tijd blijven liggen. Niet omdat het boek niet goed was, au contraire.

Enkele weken geleden begon ik er opnieuw in, en na uren leesplezier, heb ik het bijna uit. Wat een elysische roman is dat. Het boek vertelt het verhaal van Onofre Bouvilla, een jongeman van 14 die van het Catalaanse platteland naar de stad emigreert. Meer nog dan Onofre speelt het Barcelona tussen de twee wereldtoonstellingen van 1888 en 1929 de hoofdrol in het boek. Beiden evolueren gelijklopend. Onofre ontpopt er zich op allerlei bedenkelijke manieren tot de meest belangrijke en rijke man, parallel met de groei van de stad. En Mendoza maakt Barcelona tot dé wereldmetropool. Wie Onofre daar, behalve zijn vreemde snuiters van tegenspelers allemaal tegen het lijf loopt, het zijn niet de minste: de tsarina, Picasso, Raspoetin... Mendoza beschrijft hun aanwezigheid als historische gebeurtenissen met een encyclopedische precisie, maar hij neemt de lezer in het ootje. Een wel vaker geciteerd fragment in deze context is het volgende:

Na de Phoeniciërs kwamen de Grieken en de Layetanen. Van het verblijf van de Grieken zijn sporen van handwerk gevonden, aan de Layetanen hebben we volgens etnologen twee specifieke kenmerken van ons ras te danken: de neiging van de Catalanen om het hoofd schuin naar links te houden wanneer zij doen alsof zij luisteren en, bij de mannen, de aanleg tot weelderige haargroei in de neusgaten.

Bij de onwaarschijnlijke en van de pot gerukte passage verder in het boek over Mata Hari in haar Rolls-Royce had hij me pas écht goed liggen.

Deze Rolls-Royce, die wonder boven wonder bij deze gebeurtenis geen schade opliep, is vandaag de dag nog te bezichtigen in het kleine Musée de l' Armée in Rouen.

Het internet en een mailtje naar de toeristische dienst bevestigden: er bestaat geen Musée de l' Armée in Rouen en van een Rolls-Royce is er ook geen sprake. 'Il semble que monsieur Mendoza ait créé un musée fictif pour son roman.'

De auteur moet hem met dit soort mesjokke, halfgare spielereien rot hebben geamuseerd. En dat doe ik als lezer ook, in deze ongeëvenaarde, speelse en groteske roman, die voortdurend balanceert op de grens van werkelijkheid en fictie.

Giovanni